‘Elk kwartier een ander onderwerp op mijn bureau’

Nieuws

‘Elk kwartier een ander onderwerp op mijn bureau’

20 november 2023

Marie-Thérèse Kievits (44) is Manager Legal & Compliance bij Ampelmann Operations. Zij heeft te maken met zóveel rechtsgebieden en jurisdicties, dat externe juridische hulp onmisbaar is. ‘Internationaal videovergaderen levert soms bijzondere gesprekken op.’

Voor de 2e editie van de Nationale Enquête Bedrijfsjuristen interviewden we vier NGB-leden over het thema 'Externe juridische dienstverlening'  Marie-Thérèse is de eerste.  

Marie-Thérèse Kievits©FloreZoé (1) ‘Sinds 2021 werk ik bij Ampelmann, de uitvinder en producent van een offshore loopbrug om mensen op boorplatformen en windturbines over te zetten. Ampelmann verhuurt en verkoopt de loopbruggen. Het bedrijf is innovatief, de lijnen zijn kort, de snelheid hoog. Inmiddels zijn we een internationaal bedrijf. We doen zaken op vrijwel alle continenten. Wij hebben een kleine juridische afdeling: een medior jurist en ik, plus een tijdelijke paralegal. We kunnen onmogelijk verstand hebben van al die verschillende rechtssystemen en -gebieden. En dan doe ik ook nog de compliance.’

‘Ik zorg ervoor dat we in ieder land waar we zaken doen een gerenommeerd internationaal georiënteerd advocatenkantoor hebben. Die zoek ik via referenties in mijn eigen netwerk. Ik doorloop graag direct de vaak verplichte ’KYC-procedure‘ (Know Your Customer) . Is er daarna acuut advies nodig, dan kunnen wij dat ook meteen krijgen.’

‘Het internationaal werken in combinatie met videovergaderingen levert soms bijzondere gesprekken op. Zo sprak ik een advocaat uit Nigeria die op een tuinstoel zat terwijl de kippen om hem heen liepen, in Slowakije een advocaat met een indrukwekkende boekenkast op de achtergrond, die na een windvlaag een poster bleek te zijn. En in Brunei had ik een vergadering met een mannelijke advocaat; naast hem zat een vrouwelijke collega die niet werd voorgesteld en alleen maar naar beneden keek. De advocaat richtte zich uitsluitend tot mijn mannelijke operationele collega. Ik werd genegeerd. Pas toen mijn collega zei : zij is onze Legal Counsel, en u moet haar vragen beantwoorden, keek hij mij geschrokken aan.’

‘In Nederland werk ik met een vast advocatenkantoor in Rotterdam. Wij procederen eigenlijk nooit, dus we zouden ook met niet-advocaten kunnen werken. Maar ik ben heel blij met dit advocatenkantoor. Ze zijn duidelijk, vriendelijk en servicegericht. Vraag ik naar een specialist op een rechtsgebied waar ik nog niemand ken, dan word ik binnen het uur teruggebeld. Algemene vragen gaan via een factuur op basis van het aantal uren, en voor projecten krijg ik een offerte. Die offertes zijn goed, daar hoef ik niet over te onderhandelen. Ik heb wel eens een offerte gevraagd aan een Zuidas-kantoor, op verzoek van onze aandeelhouder die daar vaste klant was. Tweeënhalf keer zo hoog, in vergelijking met ons vaste kantoor in Rotterdam. En de kwaliteit was omgekeerd evenredig aan de arrogantie.’

‘Behalve advocaten werk ik ook met een interim-bedrijfsjurist, een zzp’er, die inspringt als het druk is. We besteden werk uit; in sommige tijden is dat wel veertig procent. Dan reken ik mee dat ik de merken en de octrooien ook heb uitbesteed. Soms krijg ik elk kwartier een ander onderwerp op mijn bureau. Gelukkig houd ik van managen, ik heb geen behoefte en ook niet de inhoudelijke kennis om alles zelf te doen. Maar bedrijfsjurist zijn is altijd een kwestie van keuzes maken. Ik vind dat wij doen wat we moeten doen en dat we het goed doen.’

Sluiten