Fraudeofficier: vraagtekens bij reikwijdte verschoningsrecht

'Het verschoningsrecht is niet meegegroeid met de werkelijkheid en staat nog steeds in de stand van 1830', zei Thomas Bosch, landelijk coördinerend fraudeofficier afgelopen vrijdag tijdens het anti-corruptiecongres van de Bijzonder Strafrecht Academie. Hij vindt dat het hoog tijd is om het verschoningsrecht te wijzigen. Dit berichttte Advocatie.nl op 5 november. 

Bosch plaatste vraagtekens bij de reikwijdte van het verschoningsrecht. Het principe dat het contact met de client vertrouwelijk moet blijven, stamt uit het begin van de 19e eeuw, toen advocaten nog geen rol hadden bij het opzetten van bedrijfsstructuren. Dat ligt nu anders. Als het OM onderzoek wil doen naar bedrijfsstructuren, dan levert de betrokkenheid van advocaten problemen op.  Bosch wil dat er een duidelijker onderscheid komt tussen de pure juridische dienstverlening van advocaten aan cliënten en andere bezigheden.

Francien Rense van NautaDutilh vond dat opsporingsdiensten en OM bij doorzoekingen te makkelijk voorbij gaan aan het verschoningsrecht. Zij pleitte voor een ‘protocol verschoningsrecht bij doorzoekingen’. OM, opsporingsdiensten en advocatuur maken daarin afspraken over de selectie van informatie, en bepalen welke bestanden terug moeten naar de cliënt omdat het verschoningsrecht erop rust. Als daarover meningsverschillen ontstaan, dan zou de rechter-commissaris alsnog een oordeel moeten vellen.

Thomas Bosch en  Francien Rense spraken beiden op het NGB Seminar 'Fraude', eind september, waarbij ook het nieuwste deel in de NGB Reeks over dit onderwerp werd gepresenteerd. Advocaten van NautaDutilh geven bedrijfsjuristen daarin tips en tricks. NGB-leden hebben het boekje per post vorige maand per post ontvangen en kunnen het online lezen na inloggen. 

In het komende nummer van De Bedrijfsjurist verschijnt een verslag van het NGB Seminar Fraude.